Terug aan de internationale top
Het aantal flessen Oostenrijkse wijn dat in ons land ontkurkt wordt stijgt al enkele jaren spectaculair. Elke zichzelf respecterende slijter heeft tegenwoordig een frisse Grüner Veltliner in de schappen staan. En terecht want de kwaliteit is zonder uitzondering goed. Oostenrijk maakt zuivere, fruitige wijnen.

Ben je voor 1975 geboren? dan kun je je het ‘antivriesschandaal’ uit 1985 misschien nog herinneren. Een handjevol malafide producenten bleek wijnen kunstmatig aan te zoeten. Het schandaal werd breed uitgemeten in de internationale pers. De export van Oostenrijkse wijn viel stil. Paradoxaal genoeg gaf het schandaal een enorme kwaliteitsimpuls. Strenge nieuwe wijnwetten werden ingevoerd. Wijnboeren gingen op droge witte en rode kwaliteitswijn maken. Een groot aantal ging 'naturnah' of biologisch werken.
![]()
"Bijna alle Oostenrijkse wijnmakers maken op hun eigen domein wijnen van eigen druiven uit de eigen wijngaard. Er is vrijwel geen massaproductie in Oostenrijk. De wijn wordt met veel zorg door eeuwenoude familiebedrijven gemaakt. Meestal op vrij kleine schaal."
![]()
De families verkopen hun wijn in de omgeving aan trouwe klanten. Een nieuwe generatie hoog opgeleide wijnboeren heeft in de afgelopen jaren de leiding overgenomen. Met oog voor detail maken ze wijnen van hoge kwaliteit. Ze zijn modern geschoold in wijngaardmanagement, keldertechnieken en marketing. Moderne kennis passen ze toe vanuit hun specifieke Oostenrijkse wijnfilosofie. Ze willen zich onderscheiden met een eigen, uniek en herkenbaar karakter.

Oostenrijkse wijnmakers streven er naar om het karakter van de druif zo puur mogelijk in de smaak van de wijn tot uitdrukking te laten komen. Van veel opschmuk moeten ze weinig hebben. De Chardonnay gaat vaak niet in houten vaten. De kunst zit hem juist in de wijngaard. Die geeft de druif een bepaald karakter mee. Het gaat er in de ogen van de Oostenrijksers juist om de juiste druif in de juiste wijngaard te planten.
Grüner Veltliner en Zweigelt
De Grüner Veltliner is de nationale trots. Deze druif wordt het meest verbouwd (ongeveer een derde van alle wijngaarden). De Riesling is de andere grote witte druif van Oostenrijk. We kennen hem hier vooral uit Duitsland. Maar Oostenrijk kan prima wedijveren! De witte Muskat Ottonel is in opkomst. De kruidige wijn van deze druif wordt door Oostenrijkse wijnboeren vaak strak en droog gemaakt. Daar is hij een populair aperitief. Nederlandse wijndrinkers reageren enthousiast, maar het zijn er nog weinig: voornamelijk fans van deze wijnwinkel. Ooit van Neuburger, Welschriesling of Rotgipfler gehoord? Ook zeer de moeite van het proeven waard!
Maar het is zeker niet alleen witte wijn! De Zweigelt, Sankt Laurent, en Blaufränkische druif zijn de Oostenrijkse 'blauwe drie-eenheid'. Ze hebben meer dan één ding gemeen! De St. Laurent en de Blaufränk hebben begin twintigste eeuw een relatie gehad. Daaruit is de Zweigelt geboren. De hele familie is elegant en vooral heel fruitig. Het leuke is. Er worden ook al honderden jaren Franse druiven verbouwd, zoals de Cabernet Sauvignon, Pinot Noir, Merlot en Sauvignon Blanc. Het mengen van deze de Franse en Oostenrijkse druiven geeft geweldige, unieke wijnen!
Zoet, zoeter, zoetst
Tenslotte mogen we de Oostenrijkse zoete wijnen niet vergeten. Ze behoren met Sauternes en Tokaj nog steeds tot de absolute wereldtop. Een fascinerende diversiteit aan Spätleses, Beerenausleses, Trockenbeerenausleses en Eisweinen wordt in de wijngaarden rond het grote Neusiedlersee, iets ten zuiden van Wenen gemaakt. Door de ochtenddauw van het meer kunnen de druiven blijven rijpen totdat ze ongewoon zoet zijn. Het meest bijzonder is de Ruster Ausbruch. Een piepklein appellation van een hele grote zoete dessertwijn.















